Elke gemeente voert reeds lange tijd welstandstoezicht uit. Sinds 1992 zijn hiervoor algemene welstandscriteria opgenomen in de bouwverordening: "de aanvaardbaarheid van het bouwwerk in relatie tot de karakteristiek van de reeds aanwezige bebouwing, de openbare ruimte en de stedenbouwkundige context, de massa, materiaal, maat, schaal, detaillering en kleurstelling mede in verband met de samenhang in het bouwwerk zelf"
Daarnaast kan de gemeente specifiek beleid voeren met betrekking tot de visuele kwaliteit van de gebouwde omgeving. Van deze mogelijkheid wordt vooral de laatste jaren gebruik gemaakt, in de vorm van beeldkwaliteitplannen.Specifiek welstandsbeleid is ook ontwikkeld voor bouwen in het buitengebied, dakkapellen, erfafscheidingen, reclame-uitingen en aan- en uitbouwen etc.
Burgemeester en wethouders laten zich bij de afgifte van bouwvergunningen adviseren door een adviescommissie die bestaat uit onafhankelijke deskundigen. Een keer per twee weken houdt de gemandateerde architect zitting in de aangesloten gemeente in het rayon. In een aantal gemeenten wordt zitting gehouden door twee gemandateerde architecten. Planindieners en ontwerpers kunnen desgewenst een toelichting geven op het plan. Alle kleine plannen, herhalingsplannen en plannen waarvan het advies van de grote commissie als bekend mag worden verondersteld worden lokaal afgedaan.
Principiele plannen worden voor behandeling in de grote commissie gereed gemaakt. De uitvoering van het welstandstoezicht geschiedt onder verantwoordelijkheid van burgemeester en wethouders. De beleidsmedewerker bouw- en woningtoezicht licht de plannen toe bij de welstandscommissie en zorgt voor alle relevante informatie. Burgemeester en wethouders volgen in het algemeen de adviezen van de commissie.